André Lascaris

Als theoloog was ik begin jaren zeventig al enige tijd op zoek naar een antropologie waarop ik mijn theologie kon bouwen. Ik zocht naar een visie op de wereld die het me mogelijk maakte theologisch verder te denken en dat denken in contact te brengen met de dagelijkse werkelijkheid. Toen ik Girard begon te lezen, besefte ik dat ik met de mimetische theorie een bodem had gevonden om verder op te bouwen. Bijbelverhalen wonnen aan actualiteit door ze te lezen vanuit de mimetische theorie.

In dezelfde tijd was ik betrokken geraakt bij het leiden van bijeenkomsten van Noord-Ieren in Nederland om hen vanuit een afstand naar hun eigen situatie te laten kijken. Ook hier was de mimetische theorie waardevol. Ze hielp te verklaren waarom conflicten uitbreken en voortgaan, en biedt handreikingen tot het doorbreken van de vicieuze cirkels van het geweld. De mimetische theorie legt uit waarom verschillen belangrijk en vruchtbaar zijn. Dit laatste komt mij ten stade bij een project als ‘nieuw wij’ dat het omgaan met verschillen tot thema heeft.

Mijn ervaring bij ontmoetingen met andere groepen en individuen is dat de mimetische theorie vriendelijk wordt ontvangen, maar dat het zelden een ommezwaai bewerkt. Iets van een ‘bekering’ is nodig. Het kost kennelijk tijd om te beseffen dat deze theorie een ander zicht geeft op de werkelijkheid.